Bouwvergunning

8 Views
Bouwvergunning
Bouwvergunning

Op basis van de Woningwet kunnen drie soorten bouwwerkzaamheden worden onderscheiden:

– werken waarvoor geen bouwvergunning is vereist;

– werken die voor het verkrijgen van toestemming bij de gemeente moeten worden gemeld (‘meldingsplichtige bouwwerken’);

– werken waarvoor een bouwvergunning vereist is.

Wijzigingen binnenshuis

Bij relatief weinig ingrijpende bouwwerkzaamheden binnenshuis is geen vergunning vereist. U kunt hierbij denken aan plaatsing of verwijdering van een niet-dragende binnenwand en vervanging van deurkozijnen.

Voor andere werkzaamheden kan een bouwvergunning vereist zijn. Hiervoor kunt u de volgende vuistregels hanteren: als u de oppervlaktematen of de inhoud van een gebouw wijzigt, het materiaal wijzigt of de vorm wijzigt, is doorgaans een bouwvergunning nodig. Tot deze categorie behoren onder meer het aanpassen van een dragende muur en het doorvoeren van een andere wijziging die van invloed is op de draagconstructie van het bouwwerk, zoals een betonnen dekvloer aanbrengen op een houten vloer.

Ook als u een bestaande ruimte kleiner maakt, kan een vergunning nodig zijn. Een verbouwing mag doorgaans niet leiden tot een lager voorzieningenniveau (bijvoorbeeld een toilet in huis minder) dan er bestond. Als bouwkundige ingrepen leiden tot verandering van het bestaande gebruik – zoals een garage ombouwen tot woonruimte – is ook een vergunning vereist.

Dat neemt natuurlijk niet weg dat ook als er geen vergunning nodig is, er moet worden voldaan aan de bepalingen van het Bouwbesluit en de Bouwverordening. Dat betekent onder meer dat alle installaties (gas, elektriciteit en dergelijke) die u aanbrengt, moeten voldoen aan de daarop van toepassing zijnde eisen: u hoeft daar vóór de verbouwing geen vergunning voor aan te vragen, maar de betrokken instanties zijn wel gerechtigd achteraf te controleren of aan de vereisten is voldaan.

Wijzigingen buitenshuis

Geen bouwvergunning is nodig voor bepaalde eenvoudige bouwwerken. Voorbeelden hiervan zijn dierenverblijven, groentekasjes en dergelijke op het zij-of achtererf van de woning, mits ze niet hoger zijn dan 1 m en een bruto-oppervlak van maximaal 2 m2 hebben, en op voorwaarde dat niet meer dan de helft van het erf wordt bebouwd. Verder zijn onder meer vrijgesteld overkappingen op voor-, zij- en achtererf met een open constructie (zoals pergola’s en carports), mits ze niet hoger zijn dan 2,7 m en met een bruto-oppervlak van maximaal 20 m2; verder mag zo’n overkapping hoogstens de helft van het erf beslaan.

Meldingsplichtig zijn vrijstaande bouwwerken (die nergens aan vastzitten en minimaal op 3 m vanaf de voorgevelrooilijn staan), zoals een garage of schuur, en aan- of uitbouwen op het zij- en achtererf van de woning. Voorwaarde daarbij is dat de inhoud van het gebouw niet meer dan 50 m3 bedraagt, een breedte heeft van maximaal 3 m en een hoogte van maximaal 2,7 m. Ook gelden nog eisen ten aanzien van het percentage van de grond dat mag worden bebouwd. Verder moet het aanbrengen van een zonwering en een rolluik worden gemeld. Voor een dakkapel is normaal gesproken een bouwvergunning nodig. Indien de dakkapel echter op het achterdakvlak wordt geplaatst, niet breder is dan de helft van het dakvlak, de bovenkant minstens 0,5 m onder de noklijn ligt en de onderkant eveneens in het dakvlak ligt, dan kunt u volstaan met een melding. In de meeste gemeenten moeten meldingsplichtige bouwwerken ook voldoen aan redelijke ‘eisen van welstand’.

Voor alle overige verbouwingen heeft u een bouwvergunning nodig voordat u met de werkzaamheden mag beginnen. Bij het doen van een ‘melding’ moet u formulieren invullen en tekeningen (laten) maken. Als u een Rijks- of gemeentelijk monument gaat veranderen, kunt u niet met een melding volstaan maar heeft u altijd een bouwvergunning nodig.

Procedure

Bent u er niet zeker van of een vergunning of melding nodig is, dan kunt u informatie inwinnen bij de betrokken instantie in uw gemeente (doorgaans Bouw- en Woningtoezicht). In de gemeentelijke bouwverordening is aangegeven welke documenten, tekeningen en dergelijke nodig zijn.

Bouwkundige tekeningen kunt u laten maken door een bouwkundige. U kunt echter in sommige gevallen overwegen het zelf te doen. Bijvoorbeeld als u een geprefabriceerd bouwwerk (bijvoorbeeld een schuur of serre) wilt plaatsen. Daar heeft de leverancier bijna altijd goede tekeningen en foto’s van. Die kunt u dan zelf combineren met foto’s en bouwtekeningen van uw huis. Teken op ruitjespapier op schaal en zet overal de maten bij.

Wat de meldingsplicht betreft nog het volgende: als de gemeente van mening is dat uw project niet in strijd is met het bestemmingsplan en als zij de ‘welstand’ in orde vindt, ontvangt u de mededeling dat u verder mag bouwen. De gemeente moet wel binnen vijf weken na ontvangst van uw melding een oordeel geven. Reageert de gemeente niet op tijd, dan mag u bouwen (u heeft dan ‘fictieve toestemming’).

Als het bouwplan niet past in het geldende bestemmingsplan, moeten B&W u binnen vijf weken meedelen dat u niet mag bouwen zolang u geen vrijstelling van het bestemmingsplan is verleend. De melding van het bouwwerk geldt dan tevens als een verzoek om vrijstelling. In dat geval moeten B&W binnen acht weken na ontvangst van uw melding besluiten of de procedure voor vrijstelling wordt gestart. Heeft u binnen die termijn niets gehoord, dan is er ‘fictieve vrijstelling’ verleend en mag u het bouwplan uitvoeren. U moet er dan wel rekening mee houden dat de buren bezwaar kunnen maken tegen uw bouwen in strijd met het bestemmingsplan. Dit zou kunnen betekenen dat u het plan alsnog moet veranderen. In die situatie is het dus belangrijk dat u, voordat u gaat bouwen, weet dat de buren geen bezwaren hebben tegen uw plan.

Meldt de gemeente zich wel op tijd bij u, dan moet u nog afwachten hoe het afloopt. Voordat B&W vrijstelling mogen verlenen, moeten zij namelijk het bouwplan openbaar maken via bijvoorbeeld een advertentie, opdat andere belanghebbenden eventueel bezwaar kunnen maken. Deze procedure is niet aan een termijn gebonden. U moet binnen 13 weken na verkregen toestemming met bouwen beginnen.

Als het geen meldingsplichtig werk is, niet in het bestemmingsplan past en u geen vrijstelling krijgt, of als het in strijd is met welstandseisen, kunnen B&W u niets anders meedelen dan dat uw bouwplan niet uitgevoerd mag worden. Van dit besluit moet u schriftelijk op de hoogte worden gebracht. Overigens kunnen buren en andere belanghebbenden binnen zes weken na de instemming door de gemeente met de melding alsnog bezwaar aantekenen.

Het is aan te raden contact op te nemen met de afdeling Bouw- en Woningtoezicht van uw gemeente voordat u de bouwvergunning aanvraagt, ook om na te gaan welke papieren u met de aanvraag moet opsturen. Uw aanvraag moet in verband met de behandeltijd tijdig worden ingediend. Meestal beslissen B&W binnen 13 weken over het verlenen van een vergunning; deze termijn kan één maal met 13 weken worden verlengd. Net als bij meldingsplichtige bouwwerken kan het zijn dat vrijstellingsprocedures moeten worden gevolgd, waarbij deze termijnen niet gelden. U krijgt hiervan van de gemeente bericht. Bent u het er niet mee eens dat u geen bouwvergunning krijgt, dan moet u binnen zes weken een bezwaarschrift indienen bij B&W. Vervolgens kunt u tegen de negatieve beslissing op uw bezwaarschrift in beroep gaan bij de rechtbank, sector bestuursrecht. Ook hiervoor geldt een termijn van zes weken. Tegen de beslissing op uw beroep is hoger beroep mogelijk bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

It is main inner container footer text