Houten ondervloer voorbereiden – egaliseren

880 Views
houten vloer egaliseren
houten vloer egaliseren

De meeste vloerdelen gaan op den duur bol of hol staan. Daarom moet op een houten vloer onder vloerbedekking altijd een onderlaag komen. Deze kan bestaan uit vloeibaar materiaal en/of plaatmateriaal.

– Oude plankenvloer. Een ernstig gehavende vloer moet soms worden overgelegd of vervangen. Dat gaat het bestek van dit boek te buiten.

Er zijn verschillende methoden om zelf een oneffen plankenvloer te egaliseren: met een parketschuurmachine; of eerst met een schuurmachine om de ergste bobbels weg te halen en dan met een vloeibaar egalisatiemiddel en een deklaag van plaatmateriaal; of alleen met plaatmateriaal.

Ga zorgvuldig na of alle vloerdelen goed vast liggen. Dit is ook het moment om het kraken van de vloer te verhelpen. Zet de planken zo nodig (extra) vast; met kruiselings schuin in de balken getimmerde spijkers, die u met een drevel tot 3 mm onder het houtoppervlak tikt; of met getorste spijkers of slagschroeven, die u recht kunt inslaan; of met platkopschroeven, waarvan u de kop verzinkt nadat u heeft voorgeboord. Als de vloerplanken tussen de balken iets te ver doorveren, kunnen ze ook kraken doordat ze ten opzichte van elkaar wringen. Door ’smering’ met talk- of grafietpoeder is dat soms te verhelpen, maar niet duurzaam.

Hamer omhooggekomen spijkers met een drevel enkele millimeters in en vlak sterk boven het oppervlak uitstekende houtdelen af, bijvoorbeeld met een band- of parketschuurmachine. Uitstekende kwasten (noesten) kunt u met een beitel en houten hamer vlakker hakken. Als u verder egaliseert met alleen plaatmateriaal vult u kieren van meer dan 6 mm tussen de planken op. Schraap ze eerst schoon, zuig ze, maak ze vetvrij met ammoniawater en vul ze na droging met kunstharsmortel of een vergelijkbaar vulmiddel. Dat is alleen nodig als het plaatmateriaal niet stevig genoeg is om deze kieren blijvend zonder vervorming te overbruggen.

Laat alle plaatmaterialen voor het uitvlakken met ruimte ertussen enkele dagen bij u thuis acclimatiseren (conditioneren) om het vochtgehalte van de platen gelijk te krijgen. De volgende plaatmaterialen zijn bruikbaar:

– Zachtboard alleen is niet voldoende, maar dit materiaal vormt zich naar het vloeroppervlak, en kan ook vrij veel van de werking van de plankenvloer opvangen. Daarom geschikt als tussenlaag. U kunt grote platen (1,22 x 2,44 m) gebruiken, van minimaal 12 mm dik; ze worden met een onderlinge tussenruimte van 5 mm gelegd. Houd een ruimte (zwelnaad, expansienaad, uitzetvoeg genoemd) van circa 15 mm vrij tot de wanden, kozijnen en dergelijke.

– Hardboard is er in verscheidene dikten en hardheden. Vloerboard, met twee gladde kanten, is vrij zacht; masonite is hard. Masonite van 6 mm is qua uitvlakvermogen vergelijkbaar met circa 12 mm spaanplaat. Platen gewoon hardboard worden met een tussenruimte van circa 1 mm gelegd; masoniteplaten kunnen losjes tegen elkaar liggen. Houd tot omringende constructies een zwelnaad van 10 mm vrij.

– Spaanplaat is er in vele soorten. In de loop van de tijd zijn fabrikanten minder fenollijm als bindmiddel gaan gebruiken, zodat minder formaldehyde (‘spaanplaatgas’) wordt afgegeven. Daardoor is spaanplaat tegenwoordig vaak minder vormvast dan vroeger, waardoor het op een oneffen vloer eerder gaat vervormen. Door combinatie van bindmiddelen kan dit echter worden opgevangen, maar dit maakt de spaanplaat duurder. Bijvoorbeeld spaanplaat van Klasse V (met Kemakeur), dat enigszins tegen vocht bestand is. Dit is er met messing en groef, speciaal voor de vloer. Verder is er spaanplaat met cement als bindmiddel, dat heel vormvast is; dit geeft helemaal geen formaldehyde af.

Op een ondergrond van zachtboard of vloeibaar egalisatiemiddel kunt u platen van 10 mm gebruiken. Als de platen direct op de vloerdelen komen minimaal 14 mm van de stevigste kwaliteit (minimaal persing 600) gebruiken. Platen met messing en groef hebben de voorkeur. Gewone platen legt u losjes tegen elkaar. Houd tussen de platen en wanden, drempels en dergelijke een zwelnaad van ongeveer 5 mm.
– Multiplex is heel vormvast. Er zijn speciale multiplex vloerplaten met messing en groef, ’underlayment’ genoemd. Deze zijn sterk genoeg om als draagvloer op de balken te worden gelegd. Voordeel is dat het een blijvend vlakke vloer oplevert en dat de vloer niet wordt verhoogd. Nadeel is de vrij hoge prijs.

Veel plaatmateriaal neemt op een oneffen vloer langzaam de vorm van de ondergrond aan. Bovendien kunnen de platen bij belasting op den duur gaan wringen en daardoor kraken. Hoe harder, dikker en steviger verlijmd het materiaal, des te minder kans op beide. Er zijn echter alternatieve egalisatiemethoden: eerst vloeibaar egalisatiemiddel of zachtboard, en daarop plaatmateriaal. Hier de voor- en nadelen van beide systemen. Leg onder plaatmateriaal bij voorkeur viltpapier of egalisatiemiddel om wringend kraken tegen vloerdelen tegen te gaan.

Met vloeibaar egalisatiemiddel is de vloer bijna zo vlak als een biljarttafel te maken. Door het bewegen van de houten vloeren onder een dunne vloerbedekking die meegeeft (zoals vinyl en tapijt) kan een dunne laag egalisatiemiddel gaan brokkelen en verpulveren. Dat is te voorkomen door er plaatmateriaal op te leggen. Hoe steviger de platen, des te langer de vloeregalisatie meegaat. Zachtboard voegt zich naar de ondergrond; de bovenkant blijft min of meer vlak, maar is niet drukvast genoeg onder vloerbedekking. Er moet harder plaatmateriaal op. Meestal worden hiervoor (tot een oppervlak van circa 40 m2) hardboardplaten gebruikt. Er zijn speciale combinatieplaten (zachtboard met hardboard erop gelijmd, met liplas-verbinding). De combinatie zacht- en hardboard vermindert ook contactgeluid enigszins (met 5 dB). Steviger plaatmateriaal maakt dat de egalisatie langer houdt.

Alleen uitvlakken met egaliseermiddel kan ook, mits die egalisatie laag voldoende dik is. Maar doordat vloerplanken blijven werken, kunnen ze zich op de lange duur toch in de vloerbedekking gaan aftekenen. Dat is voor sommige soorten vloerbedekking te voorkomen door op de geëgaliseerde vloer een dikke kwaliteit viltpapier te plakken (met dispersiekit).

Veel platen moeten met een kleine onderlinge tussenruimte worden gelegd in verband met het werken van de platen. De randen van de platen tekenen zich dan eerder in sommige vloerbedekkingen af. Overigens is het bijna niet te voorkomen dat de randen van plaatmateriaal zich op den duur in vloerbedekkingen als linoleum en vinyl aftekenen.

– Harde platen direct op de vloerdelen leggen: leg ze zó, dat de naden niet samenvallen met die van de planken en ook zo, dat de aansluitingen van het plaatmateriaal verspringen (’ in verband ‘). De doorlopende naden komen dwars op de planken, liefst op het hart van de vloerbalken. Een alternatief is de platen diagonaal op de richting van de erop komende vloerbedekking te leggen.

Gebruik geen boardplaten groter dan 122 x 122 cm. Board wordt meestal met de ruwe zijde naar boven gelegd.
Het is te spijkeren (met speciale dia-mantkop-boardspijkers of platkopspij-kers van 25 mm) of te nieten (met stiften van 25 mm; stel de nietmachine zo in dat ze niet te diep worden ingedreven). De spijkers of nieten zitten op circa 4 cm van de rand, om de 8 è 10 cm. De rest van het oppervlak wordt om de 10 h 15 cm (in verband) doorgenageld. Schuur de naden vlak.

Gebruik geen grotere spaanplaten dan 122 x 122 cm. Spaanplaat zet u vast met (verzonken) schroeven die nog 20 mm in de ondervloer steken. U kunt de gaten voorboren of speciale spaan-plaatschroeven en een elektrische schroefmachine gebruiken, waardoor voorboren meestal niet nodig is. Langs de randen komen de schroeven om de 10 a 15 cm op circa 1,5 cm van de rand en over de rest van de plaat verdeeld om de circa 25 cm, in verband. Vul verdiepingen door schroeven en nieten, vooral als linoleum of vinyl wordt gelegd; schuur het vulmiddel na droging glad.

Hard plaatmateriaal wordt in principe niet op een houten ondervloer gelijmd.
Leg de zachtboardplaten los op de vloer (of plak ze tegen het verschuiven vast met hier en daar een niet te dikke dot constructielijm), meteen zwelnaad van 5 mm tussen de platen. Hierop plakt u met hier en daar een lik contactlijm (tegen het verschuiven, u hoeft niet te wachten op droging voordat u het mag neerleggen) kleinere hardboardplaten van minimaal 4 mm dik, en wel zó, dat de naden van zacht- en hardboard nooit samenvallen. Het geheel moet zo’n 15mm van de wanden en alle overige starre opgaande delen (kozijnen, CV-pijpen en dergelijke) blijven. Zachtboard/ hardboard-combinatieplaten met messing en groef worden los op de vloer gelegd. Schuurde naden vlak.

Op een ondervloer van zachtboard met hardboard/spaanplaat houden spijker-latten (om tapijt te spannen) slecht. Bevestig dan eerst rondom de vloer een ca. 7 cm brede lat ter dikte van de vloer-egalisatie, waarop die spijkerlatten straks kunnen worden vastgemaakt.

Als de kamer goed haaks is, kunt u aan de langste zijde beginnen met de platen board of spaanplaat langs de kant te leggen. Als de wanden schuin ten opzichte van elkaar lopen, begint u een eind van de wand met een rij platen en zaagt u langs de wanden de passtukken op maat (zie voor details hoofdstuk 35 over het leggen van vloertegels).

– Krakende vloer. Behalve de hiervoor genoemde losse vloerplanken kunnen er nog andere oorzaken zijn van een krakende vloer.

Als balken niet (meer) op de juiste wijze in het metselwerk zitten, gaan de planken en balken ten opzichte van elkaar wringen. Langs de wanden moetenenkele vloerdelen worden verwijderd, zodat u de muuroplegging kunt controleren. Er kunnen enkele oorzaken zijn: verrotte balkkoppen, afgebrokkeld metselwerk bij de oplegging, verzakte muren. Ook vloerbalken die te veel doorveren of door houtworm zijn verzwakt, kunnen een krakende vloer veroorzaken. Het oplossen van deze problemen gaat het bestek van dit boek te buiten.

– Nieuwe plankenvloer. Deze is nog mooi vlak, maar de vloerdelen trekken op den duur toch krom. Reden waarom ook op een nieuwe plankenvloer een dekvloer moet worden gelegd (geen egalisatiemiddel gebruiken). Hoe breder de vloerdelen, des te meer ze kunnen vervormen en des te steviger de dekvloer moet zijn om het hoogteverschil op te vangen.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

It is main inner container footer text