VLOER ISOLATIE

15 Views
Vloer isolatie
Vloer isolatie

Beganegrondvloer – Onder ‘beganegrondvloer’ verstaan we de laagst gelegen vloer van een zelfstandig staande woning. Het kan zijn, dat uw woning boven een andere verwarmde ruimte is gesitueerd. Maar ligt uw woning gelijk met het maaiveld (=gelijk met het straatpeil), of boven een garage, berging of andere onverwarmde ruimte, dan is het zinnig de vloer te isoleren. In een dergelijk geval heeft u dan nog het bijkomende voordeel dat bij gebruik van glaswol of steenwol ook de geluidsisolatie wordt verbeterd.

Kruipruimte – Een beganegrondvloer is ook die welke boven een kruipruimte ligt. De temperatuur onder zo’n vloer, dus m de kruipruimte, wordt mede bepaald door de mate waarin deze kruipruimte via muurroosters wordt geventileerd met buitenlucht. Dit ventileren is niet alleen nodig omdat zich in een kruipruimte meestal gasleidingen bevinden, maar ook omdat er vaak een vochtige atmosfeer heerst, zelfs als er geen (grond-) water in de kruipruimte staat. Maak dus nooit de ventilatieopeningen of de muurroosters onder de vloer dicht, want in dat geval wordt de vochtigheidsgraad te hoog. En dat doet dan weer afbreuk aan de kwaliteit en levensduur van het huis. Ook zou het gas uit een mogelijk lekkende gasleiding niet kunnen worden afgevoerd, waardoor het gevaar van een gasexplosie kan toenemen. In de meeste gevallen is een kruipruimte via een luik in de vloer bereikbaar.

Men gaat er van uit dat het temperatuurverschil tussen binnenskamers en de kruipruimte gemiddeld de helft is van het temperatuurverschil tussen binnenshuis en buitenshuis. Wanneer bijvoorbeeld de temperatuur binnenskamers 20° С is, en de buitentemperatuur 0°C, dan is de temperatuur onder de vloer meestal 10° C. Dit betekent, dat ook het warmteverlies via een ongeisoleerde beganegrondvloer de helft bedraagt van dat van daken, muren en ramen.

Koude voeten – Een veel voorkomende klacht is die van de ‘koude voeten’. De oorzaak is te verklaren aan de hand van het volgende experiment: stap eens met blote voeten op een stenen vloer, en voel hoe koud deze vloer aanvoelt. Stap vervolgens met blote voeten op een kleedje dat op dezelfde stenen vloer ligt, en voel hoe lekker warm dit kleedje aanvoelt. Toch is de temperatuur van uw voeten gelijk, en is de temperatuur van de stenen vloer dezelfde als die van het kleedje. De stenen vloer voelt toch kouder aan dan het kleedje.

De verklaring is: het kleedje heeft een veel lagere X-waarde (warmtegeleidingscoefficient) dan de stenen vloer. Of, anders gezegd: uw blote voeten stonden hun warmte direct aan de stenen vloer af, maar niet aan het kleedje. Dit verschijnsel is de reden dat het isoleren van een koud aanvoelende vloer aan de onderzijde geen oplossing van het koude-voeten-probleem biedt. Uw voeten blijven immers in contact met het materiaal met een hogere X-waarde. Slechts het aanbrengen van isolatie aan de bovenzijde (bijvoorbeeld een tweede vloer op de bestaande vloer met daartussen isolatiemateriaal, of het leggen van een zwaar, hoogpolig tapijt), zal uitkomst brengen.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

It is main inner container footer text